Waarom Japanners op walvissen jagen

Na een jaartje gedwongen aan de wal te hebben gelegen, is de Japanse walvisvloot onlangs weer uitgevaren om op jacht te gaan. De Japanners willen tot maart in de zeeën rond Antarctica 333 walvissen walvissen vangen, voor onderzoek en om daarna het vlees te verkopen.

Verboden
De walvisjacht is sinds 1986 verboden maar voor wetenschappelijk onderzoek is het toegestaan om een walvis te doden. Van deze maas in de wet maken de Japanners al jarenlang gebruik om walvissen te vangen, te doden, te onderzoeken en op te eten.

In 30 jaar tijd vingen de Japanners ruim tienduizend walvissen. Tot in 2014 het Internationaal Gerechtshof in Den Haag besloot dat hier een einde aan moest komen en de vaart stil kwam te liggen. Maar ondanks deze uitspraak en kritiek uit zo’n beetje de rest van de wereld varen de Japanners dit jaar toch weer uit.

Waarom blijven de Japanners, ondanks alle kritiek, doorgaan met de walvisjacht?

1. Om ze te beschermen
De Japanse walvisvloot vaart officieel uit om dieren te vangen voor wetenschappelijk onderzoek. „Volgens de Japanners is hun onderzoek nodig om de dieren beter te kunnen beschermen”, zegt Sonja van Tichelen, directeur van het International Fund for Animal Welfare (IFAW). „Volgens bijna alle wetenschappers is het doden van de dieren helemaal niet nodig om goed onderzoek te kunnen doen. Daar komt bij dat de resultaten van het Japanse onderzoeksprogramma al jaren onder de maat zijn en eigenlijk geen nieuwe inzichten opleveren.”

2. Omdat ze het al duizenden jaren doen
Voor Japan is de walvisjacht een traditie die lang, heel lang, teruggaat. Al rond 6000 voor Christus werd in Zuidoost-Azië op kleinere walvissoorten gejaagd. In Japan, waar tradities zeer belangrijk zijn, wordt de walvisjacht beschouwd als een recht.

Hoe traditioneel de walvisjacht echt is, is een open vraag. Tot in de negentiende eeuw was er maar een klein aantal kustdorpen waar de bevolking zich echt met de walvisjacht bezig hield. Terwijl in Europa, onder andere door de Nederlanders, al eeuwenlang op industriële schaal walvissen werden gedood, kwam dit in Japan pas na 1900 op gang.

3. Om ze op te eten
Net als de jacht wordt het eten van walvis door veel Japanners beschouwd als een belangrijke culinaire traditie.

Dit was vlak na de Tweede Wereldoorlog, toen het land voor een groot deel in puin lag, zeker het geval. In 1947 was zo’n beetje de helft van al het vlees dat door Japanners werd gegeten afkomstig van walvissen. Vooral onder oudere Japanners is walvisvlees daarom nog steeds geliefd.

Maar inmiddels is het vlees van walvissen al lang niet meer nodig om alle Japanners te kunnen voeden. De vraag naar walvisvlees is zelfs zo ver teruggelopen dat een deel van het vlees onverkoopbaar blijkt.

4. Om zich niets aan te trekken van kritiek
Het klinkt tegenstrijdig maar juist alle kritiek van buitenaf maakt de Japanners extra koppig om door te gaan. Van Tichelen: „Japan is bijzonder fel wanneer het buitenland ze vertelt wat ze wel en niet met moeten doen met, wat volgens hun, hun eigen natuur is. Juist de felle kritiek wekt een deel van de weerstand op.”

Die Japanse trots kost niet alleen aanzien in de rest van de wereld er moet ook flink voor in de buidel worden getast. Volgens sommige onderzoekers zijn inmiddels miljoenen euro’s overheidsgeld geïnvesteerd om de verlieslatende walvisvaart drijvende te houden.

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s