De melkkoe wordt een magere klerenkast en een ‘wegwerpproduct’

In de koeienstal van de toekomst is er alleen nog plaats voor topsporters die roofbouw op hun lichaam laten plegen. De koe die beter voor zichzelf zorgt dan voor haar boer, kan haar carrière vergeten en eindigt snel in het slachthuis. In de aanloop naar de afschaffing van het melkquotum is onderzoek gedaan naar de gezondheid van onze melkproducenten en de gevolgen van megastallen. Koeien zijn ‘wegwerpproducten geworden’. Ze moeten produceren en daalt de productie iets, dan gaat de koe weg en wordt vervangen door het volgende dier.

Per 1 april 2015 is het melkquotum afgeschaft. Dat betekent dat boeren weer zoveel mogelijk mogen melken als ze willen. Nederlandse boeren hebben geanticipeerd op die maatregel. Er wordt veel gebouwd en gemeenten hebben honderden nieuwe vergunningen verstrekt voor meer stallen. In aanloop van de afschaffing is het aantal koeien en megastallen net als de melkproductie gestegen.

Van spierbundel naar magere klerenkast
Bij het onderzoek is gekeken wat de komst van meer megastallen en schaalvergroting betekent. Hoe gaat het eigenlijk met onze weidegrazers? Het beeld van de grote spierbundel die rustig grazend door het groene weiland loopt, is er nauwelijks meer bij. Sommige melkveehouders denken dat het voor de dieren niet uitmaakt of ze in de wei lopen of op stal staan. Opstallen is makkelijk. Alles draait om rendement. Een boer is een ondernemer. En zijn koeien zijn ‘werknemers’.

Melkproductie vs gezondheid
Zie je een koe die veel melk produceert ziet je meestal een mager dier waar de botten aan de bovenkant uitsteken. Een typische ‘klerenkast’ zoals dat heet. Omdat ze zoveel energie gebruikt voor de melkproductie valt de bevlezing die eigen is aan een koe gewoon weg.

‘Scherp van boven, breed van onder’
Waar melkveehouders naar streven is een melk typische koe. Dat is scherp van boven en breed van onder. We hebben de scherpe koe en de ronde koe en daar gaat elke dag voor hetzelfde bedrag aan voer in. En die scherpe koe is in staat daar 25 euro melk per dag van te produceren. En die dikke ronde koe die maakt er 18 euro melk van. Melkveehouders zien het al een medewerker die hetzelfde kost en niet zo productief is. Dat kost de boer geld dus uiteindelijk vertrekt de dikke koe. Een koe die zorgt beter voor zichzelf dan voor de boer moet weg.

Een koe produceert 2 keer zoveel melk als 40 jaar geleden
Tegenwoordig wordt verwacht dat een koe in zijn toptijd tussen de 40 en 60 liter melk per dag produceert. Dat is ongeveer twee keer zoveel als veertig jaar geleden. De 1,6 miljoen Nederlandse melkkoeien produceerden vorig jaar meer dan 12 miljard liter melk. Dat is per koe gemiddeld 8376 kilo melk per jaar. Dat is fysiologisch gezien een enorme topprestatie. Dit zijn absolute topsporters, maar die topprestatie heeft zijn prijs.

Er hoeft maar iets te gebeuren en ze worden ziek
Koeien van tegenwoordig zijn vanwege hun topprestaties zeer kwetsbaar. Er hoeft maar iets te gebeuren of ze worden ziek. Bijna 1 op de 3 koeien krijgt jaarlijks te maken met uierontsteking. En veel melkkoeien hebben klauwproblemen. Een gebrekkige weerstand kan ook leiden tot onvruchtbaarheid. Dat is een probleem, want om te melk te geven, moet een koe elk jaar een kalfje krijgen.

Verminderde vruchtbaarheid en een gemiddelde leeftijd van 6 jaar
Maar veel koeien krijgen al na een paar jaar te maken met een verminderde vruchtbaarheid. En dan gaan ze naar de slachterij. Uierontsteking, klauwproblemen en verminderde vruchtbaarheid zijn de belangrijkste reden dat koeien vroegtijdig worden afgevoerd. Ze zouden gemakkelijk meer dan tien jaar melk kunnen geven, maar in de praktijk gaan de dieren minder dan vier productieve jaren mee. Gemiddeld worden ze nu niet ouder dan 6 jaar.

Politiek
Toen de afschaffing van het melkquotum werd aangekondigd, waarschuwde staatssecretaris Sharon Dijksma dat de melkveebedrijven in Nederland wel mogen groeien, maar het niet uit de hand mag lopen. “Ze mogen niet te veel industrialiseren”, schreef ze toen in een brief aan de Tweede Kamer. Nieuwe regels moeten ertoe leiden dat melkveebedrijven hun grondgebonden karakter behouden en versterken en zo voorkomen dat koeien altijd op stal staan. Dat betekent dat melkveebedrijven in het voorstel van de staatssecretaris voldoende grond moeten hebben om hun koeien in de wei te laten en de koeienmest op kwijt te kunnen.

‘Melkveehouders zijn overgeleverd aan de zuivelindustrie’
Critici menen dat de afschaffing van het melkquotum de industriële praktijken niet tegenhoudt. Melkveehouders zijn overgeleverd aan de zuivelindustrie. Zij zijn bang dat de zuivelindustrie gaat bepalen wie er melk mag leveren, hoeveel en wat de prijs wordt. In Nederland zijn ongeveer driekwart van de melkboeren aangesloten bij Friesland Campina. Het zuivelconcern zet miljoenen om met de export van melk, maar meent dat de groei redelijk bescheiden blijft. Volgens hen komt het gemiddeld neer op ongeveer 100 koeien per bedrijf. Dat er veel wordt gebouwd is volgens hen ook logisch. Na 30 tot 40 jaar is het tijd om de oude stallen te renoveren. Ze moeten ook groter gebouwd worden omdat de stallen meer ruimte moeten bieden per koe.

Nederland zuivelland
Uiteraard vindt de zuivelindustrie dat zuivel van groot economisch belang is. Voor Nederland als zuivelland zou het van het grootste belang zijn dat ze toegang houden tot markten buiten Nederland en buiten Europa. Nederland is een sterk exporterend land. We produceren meer zuivel dan dat we als Nederlanders samen zelf consumeren.

Tekst afgeleid van de tekst geschreven door Margaux Tjoeng over de uitzending van Zembla over de zuivelindustrie.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s